| | 
| De tekst van het zevende kaartblad in het kaartboek van de gemeente Grimbergen uit 1696 geeft een nauwkeurige opsomming van de eigenaars en de gebruikers van het land en de behuizingen van het gehucht van Lint. (afbeelding 14) De bezittingen van Nicolaas van Brouchoven omvatten de bossen, de "biese weyde", het kasteel met de vijver, de dreef, het pachthof en de weide, de dreef, het "terwenblock" met weide, de tuin, de dreef en de weg, twee stukken land op "Dweese Hage Velt. De hofstede tegenover het pachthof behoorde toe aan Jan van Campenhout en werd verhuurd aan Jan Meyskens. Uit het kaartboek van 1696 kan afgeleid worden dat de eigendommen van de heerlijkheid van Lint toen 41 bunder, 1 dagwand en 24,5 roeden omvatten. | Afbeelding 14
 |
Bij de dood van Nicolaas van Brouchoven in 1716 erfde zijn zoon Henricus het domein. en vergrootte het nog aanzienlijk. In 1716 werd nog 3,5 bunder land aangekocht en in 1723 nog een dagwand waarop een huis, brouwerij en een schuur stonden en waarvoor baron van Brouchoven een bekentenis van cijnsplichtigheid tekende aan de Pitantie van de abdij van Grimbergen.
In zijn dagboek uit 1720 maakt prelaat Van Eeckhout van Grimbergen enkele aantekeningen met betrekking tot de kapellen waarin door de paters van de abdij de mis werd opgedragen. Daaruit blijkt dat ook een mis gecelebreerd werd in het kasteel van Lint, maar enkel uit beleefdheid en zonder enige verplichting vanwege de abdij. Dit gebeurde telkens de heer van het kasteel, de Heer van Brouchoven daarom vroeg, wanneer hij daar vertoefde. Maar de laatste tijd - schrijft de prelaat - gebeurde dit alleen nog op de feestdag van de Allerheiligste Drievuldigheid, gezien de kapel aan de H Drievuldigheid was toegewijd.
| |