| | 
De Heren van Grimbergen en de opstand van de Nederlanden tegen Filips II
Afbeelding 8
 | |
Tijdens de opstand lag Grimbergen in het "rebellengebied" en koos abt van Oyenbrugge samen met de andere Brabantse abten duidelijk de partij van Willem van Oranje, de leider van de opstand. (afbeelding 8) Ook de familie van Glymes liet zich in dit conflict niet onbetuigd. Jan IV van Glymes, gewezen kamerheer van Karel V, ridder van de orde van het Gulden Vlies, door Karel V in 1533 tot markies van Bergen benoemd en dus een van de meest vooraanstaande edelen van die tijd aanvaardde in 1567 de vermetele opdracht om aan Filips II het standpunt en de wensen van de Staten-Generaal van de Nederlanden uiteen te zetten, waarbij hij trouwens het leven liet. In 1576 speelde Jacques van Glymes, opvolger van Ferri van Glymes, in Brussel een belangrijke rol bij het verzet tegen de muiterij van de Spaanse troepen en omsingelde er met zijn manschappen het koninklijk paleis.
|
Van 18 mei 1583 tot 17 augustus 1584 belegerden de Spaanse legers onder leiding van Alexander Farnese het kasteel van de Glymes te Grimbergen. Het Nassause deel in de heerlijkheid Grimbergen werd geconfisceerd, maar in 1596 aan Filips Willem van Oranje, zoon van de Zwijger, teruggegeven. 
Over het wel en wee van het Lintkasteel in die woelige periode werd weinig gevonden. Wel staat vast dat een deel van het nabijgelegen Poddegemhof, dat eigendom bleef van de familie van Heetvelde, vroegere eigenaars van het Lintkasteel, aangeslagen en verbeurd verklaard werd ten voordele van Filips II omdat de Nassaus er de heren van waren. Of dit ook het geval was met het Lintkasteel is niet zeker, alhoewel zoals hoger al gebleken is het wel voorkomt in de Registers van de leengoederen van de graaf van Nassau.
| |